VAN GROEN TOT GEEL
Pistache. Nootje. Gust, naar stripfiguur Gust Flater, omwille van je dwaze fratsen als: een zondagse vijver induiken, heerlijk overzwemmen, lekker uitschudden, vaststellen dat baasje nog aan de overkant bij een bank zit en dan piepend en blaffend panikeren over hoe weer bij baasje te komen. Ventje. Schattebollejongen. Molleke. Soft Eyeke, vanwege de onzegbaar zachte blik in je mooi bruin omrande ogen. Onderworpen soepkieken, want nog vóór een andere hond je in de gaten kreeg, lag je al vol overgave op je rug om aan te geven dat de andere de ranghogere mocht zijn, als hij maar met jou wilde spelen. Volwassen happy puppy, om je niet-aflatende energie en je vrolijkheid die ook op mij afstraalden en me in de (nog niet eens vijf!) voorbije jaren leerden me weer goed in mijn vel te voelen. Zorgzaam maatje, dat me kon troosten en kalmeren als geen ander. Dat me uit bed hielp komen zónder ochtendhumeur. Dat, dankzij de pretlichtjes in zijn ogen, zo’n perfecte katalysator bleek. Dat, net als ik, zo graag “mensen keek”, met gekruiste pootjes. Dat mijn hand in zijn muil nam als hij er overduidelijk zin in had. Dat zo graag met een stok in de muil rondliep tijdens boswandelingen en fietstochtjes. Dat na de maaltijd een washandje uit de badkamer haalde, zodat ik rustig nog wat kon blijven zitten. Dat gezwind de post uit de brievenbus in de woonkamer haalde en die huppelend naar mijn bureau in de keuken bracht. Met wie ik vorige zomer voor het eerst in de Noordzee zwom.
Ik had je nog zoveel willen leren. En jij had me nog zoveel te geven. Samen hadden we nog zo’n drukke Hachiko-agenda af te werken. We hadden nog zo genoten van onze demo’s tijdens het Stroppentreffen in Gent. We hadden nog zoveel zomerse uitstapjes voor de boeg. Nog zoveel avonturen om samen met volle teugen van te genieten. Maar het leven is wat je overkomt terwijl je andere plannen maakt. En plots stond jouw leven, ons leven, stil. Die ochtend lag je niet naast mijn bed te wachten op een “spring” en een uitgebreide knuffel. Je reageerde niet op “kom hier” en stond ongelukkig en ineengedoken aan de tuindeur te draaien, zo mottig als een krab. De spuitjes tegen misselijkheid en buikkrampen haalden niets uit: je bleef uitgeteld op je kussen liggen. Tegen de avond namen we mee naar een specialist. Dezelfde die je enkele jaren geleden zo vakkundig en feilloos over je kanker heen had geholpen. Toen je uit de auto stapte, ging je helemaal door je poten. Mijn verstand moet toen al beseft hebben dat het moeilijk zou worden, maar mijn hart bleef hopen op een wonder. Zelfs nadat we op de echo de verdikking op je milt en het vocht in je buikholte zagen. Zelfs toen het vocht uit je buik bloed bleek te zijn. Zeker toen de lieve woordjes die ik je toefluisterde en de voorzichtige streeltjes die ik je gaf je hartslag eindelijk deden dalen.
Rond half 1 die nacht verloor je de strijd tegen een tweede, nieuwe vorm van kanker. Ik heb je niet meer teruggezien. Gelukkig beloofde Caroline je van mij nog een dikke knuffel te geven en je nog een laatste keer te vertellen hoe graag we je hebben gezien. Jij was toen al naar de regenboogbrug vertrokken en ik wou dat beeld van mijn Jeugdig Jongetje Pistache voor altijd blijven koesteren. Het huis zou voortaan te stil zijn, het alleen opstaan te moeizaam, mijn dagen én mijn hart te leeg. Overal zag ik je lopen. In het geritsel tussen struiken herkende ik je trippelpootjes. Als we in of uit de auto stapten, zei ik “auto” en “ok” tegen een hond die er niet meer was.
Dag na dag kwamen er mailtjes, kaartjes, sms’jes en telefoontjes binnen van mensen die hun sympathie en medeleven wilden betuigen. Van goodwill -ambassadeurs, gastgezinnen, medewerkers, vrijwilligers en stagiairs die een hart onder de riem wilden steken. Soms deed dat pijn, vaak deed het deugd om te ervaren dat anderen zich daadwerkelijk iets konden voorstellen bij zoveel verdriet. Dat zovelen zich, samen met mij, blij en fier toonden dat ze Stacheke mochten kennen. Het ga je goed, liefste vriend! Amuseer je ginder, aan de regenboog, dat heb je meer dan verdiend! En als je het moeilijk hebt, kruip dan maar heel dicht tegen Knorrie (Nvdr.: eerste, eveneens overleden hulphond van Miche) aan. Die stond je vast met open pootjes op te wachten…
Vandaag ga ik op Hachiko trainen met je vermoedelijke opvolger: Yellow, een Golden Retriever met een verleidelijk lief snoetje en een fiere pluimstaart die gelukkig geregeld voor mij kwispelt. Het is onvoorstelbaar wennen voor een Labrador-mens als ik, maar zoals ik je beloofde, wil ik niets van wat jij in mijn leven achterliet verloren laten gaan. En dus wil ik hem alle kansen geven om in jouw onuitwisbare voetsporen te treden. Duim je mee voor ons?
Miche