Getuigenis: JABBAR VAN BART

Ik en mijn hondje.

Of nee, eigenlijk is het hulphond, hè! Immers: "Zeg nooit zomaar hond tegen een hulphond"& Vóór mijn ongeluk had ik al een hond, Ollie. Helaas is hij gestorven aan longkanker, terwijl ik in het ziekenhuis lag. Aangezien ik me geen leven zonder huisdieren kan voorstellen (en zeker niet zonder hond!), moest ik op zoek naar een nieuwe huisvriend. De eerste keer dat ik over hulphonden hoorde, was in het revalidatiecentrum in Nederland. Een vrouw en haar Soho-hond (nvdr: de vroegere benaming van "Stichting Hulphond Nederland") kwamen daar een demonstratie geven. Ze vertelde wat haar hondje voor haar betekende en toonde wat hij kon. Ik was meteen verkocht, en ging op zoek naar een hulphondenvereniging in België.

Zo kwam ik bij HACHIKO terecht. Ik schreef me in, en sneller dan verwacht, begon mijn eerste stagedag. Iedereen was wel een beetje zenuwachtig en we waren allemaal vreemden voor elkaar. Maar daar zou snel verandering in komen. Het was meteen de beuk erin met Caro & co. Vóór we de honden mochten zien, kregen we eerst theorie. Na flink wat geklungel met commando's en intonaties& eindelijk, het lang verwachte moment: de honden. Met z'n allen stormden ze binnen. "Welke zou straks de mijne worden?" vroeg ik me af. Iedereen kreeg een hond toegewezen, en het eigenlijke "hondenwerk" kon beginnen. Een ramp in het begin! Ik wist meteen dat er nog veel werk aan de winkel was, en dan vooral aan mijn winkel. Niet zozeer aan die van de hond, die kende alles al. Op het einde van de dag was mijn kaarsje helemaal uit. Nee, we kregen ze niet zomaar!

Op de derde stagedag werd beslist wie met welke hond zou doorgaan. Een spannend moment, want tot dan toe hadden we zo'n beetje met alle honden kunnen kennismaken. Intussen had ik wel al een voorliefde voor eentje: Jabbar. Ik was dan ook echt in de wolken toen ik hoorde dat Jabbar de hond zou zijn waarmee ik de rest van de stage zou werken!

De stageweek herinner ik mij vooral als zwaar en intensief, maar zeker ook als plezant. Die groep vreemdelingen was intussen flink naar elkaar toe gegroeid. Nee, we stonden er niet alleen voor...

Een ganse week hond, hond en nog eens hond . En dat allemaal om ons voor te bereiden op het grote moment: het examen. Het zou niet simpel zijn en de stress zat er goed in. We zaten te popelen om de uitslagen te krijgen.

Knorrie lijkt ook over een soort ingebouwde tachograaf te beschikken, waarop ze ongevraagd het aantal uren registreert die ik voor de computer doorbreng. En als het volgens haar de spuigaten uitloopt, laat ze dat van op haar matje onder het bureau duidelijk merken. Dan is het tijd voor (alweer!) een knuffelsessie of een wandelingetje. Tijdens die wandelingen, krijgt Honor geregeld aanvallen van selectieve doofheid, vooral wanneer ze een konijn op het spoor komt. Dan valt vrijwel elke "viens" of "kom hier" in dovemansoren en zit er niet veel anders op dan te wachten tot wanneer ze haar graafwerken staakt (waarom Fransen en Britten zoveel geld investeerden in een tunnel onder het Kanaal, is mij bij het zien van het resultaat nog steeds een raadsel!) en mij met de tong op haar poten zélf terug komt zoeken. Intussen heeft ze er natuurlijk wél voor gezorgd dat mijn stembanden soepel blijven en mijn longinhoud op peil blijft...

En hoera: geslaagd, Jabbar mocht mee naar huis! Ik kwam niet alleen terug met een hond, maar zelfs met een hulphond. Alles wat ik laat vallen, raapt hij op en komt hij mooi op mijn schoot leggen. Deuren die ik moeilijk openkrijg, doet hij open. En ga zo maar door. Naast die praktische dingen is ook mijn sociale leven veranderd. Het lijkt wel of de hond een stuk wegneemt van de drempel die mensen ervaren om iemand in een rolstoel aan te spreken. Echt, mijn leven ziet er helemaal anders uit!Ik ben dan ook heel dankbaar. Niet alleen tegenover HACHIKO, maar ook tegenover alle vrijwilligers. En in het bijzonder tegenover het gastgezin. Zij hebben er allemaal samen voor gezorgd dat ik mijn leven voortaan met Jabbar kan delen&

Groetjes van Jabbart

Getuigenis